Hamlet

Er zijn mensen die verlangen naar intimiteit.
Er zijn mensen die daar zo naar verlangen dat ze denken
dat ze daar op zoek naar moeten gaan.
En dan komen ze uit bij vele mannen of vrouwen.
In mijn geval: mannen.

Zoals de man die me een naaktfoto stuurde,
de man die chatverslaafd was,
de man die van Nietzsche hield,
de man die zijn ogen dicht hield tijdens het vrijen,
de man die liever niet wilde vrijen,
de man die elke dag twee uur in bad zat,
die man die zei dat ik genot moest halen uit het onvervulbare,
enzovoort.

Soms lukt iets,
in plaats van dat het mislukt.
Dat zijn altijd mooie momenten vind ik persoonlijk.

Iets wat lukt overstijgt de mislukking,
iets wat lukt verheerlijkt de zoektocht.
‘Het is het waard geweest.’

Maar meestal voelt die zoektocht als een schreeuw in de woestijn,
niemand luistert.

Het is een dag ergens in mei 2017 en
iets was weer eens mislukt.

In die sfeer stond ik wat te dralen in mijn huis.
Er stond schimmel op de groenten die ik in een wokpan had gemixt met een restje afhaalchinees.
Het huis lag vol discoballetjes die enkele dagen geleden uit een gigantisch paasei waren ontsnapt.
Het leek even of de wereld al de intense kleuren in zich droeg en dat allemaal in mijn huis.
Maar eigenlijk was het rommel.
Rommel die ik moest opruimen.
Rommel die ik moet opzuigen met de stofzuiger.

Feit is dat de fut me al enkele weken ontbrak om dat deprimerende apparaat uit het berghok te halen.
Dus draalde ik nog wat verder in mijn huis en nam ik nog een heerlijke hap van mijn gezonde, biologisch-verantwoord, evenwichtige maaltijd die ik zonet had gemixt.
Ik ben goed bezig, ik ben goed bezig.

De bel ging.

Het was een bezorger van de Mediamarkt.
Hij was rond de 40 en later vertelde hij me dat hij uit Albanië kwam.
Deze man kwam mijn nieuwe wasmachine bezorgen.
Hij had me gevraagd om het oude toestel alvast te ontkoppelen.
Nu mag de lezer drie keer raden:
of ik die oude Miele al had ontkoppeld?

Juist, ja.

Toen hij binnenkwam zei ik hem:
‘Sorry maar ik ontkoppel niet zo graag.’
Dat begreep hij.

Tijdens het ontkoppelen van de Miele ondervond hij een lek
en vroeg me of ik een ijzeren rondje in huis had,
iets als een schroef maar dan in het rond.

Natuurlijk had ik dat niet.
Ik ken trouwens ook niemand die een ronde schroef in huis heeft.
Ofwel heeft de mensheid al zijn hele leven lang metalen rondjes om huishoudelijke problemen op te lossen
en ben ik weer de enige die van niets weet.
Dat zou ook nog kunnen.

Hij zei dat hij de wasmachine dan niet zou kunnen installeren
en maakte zich klaar om te vertrekken.

Ik zei: ‘Oké.’

Dat waren de enige woorden die ik nog over had voor iemand die zijn vertrek aankondigde.

Ik keek naar de loodzware Siemens die nu in mijn living stond.
Hoe zou ik dat ding in godsnaam alleen kunnen dragen naar het berghok?
En koppelen?

‘Is hier iemand die je kan helpen?’ vroeg de bezorger wiens geweten nu zichtbaar en godzijdank begon te knagen.

Het was even stil.

Hij dacht misschien dat er nu een sterke, intelligente, handige man met een metalen rondje tevoorschijn zou komen uit één van de kamers.
Een man die met alle gemak van de wereld een machine van honderden kilo’s zou kunnen optillen en me daarna zou kussen, me neerleggen op de houten vloer tussen al die gekleurde discoballetjes en dan heerlijk met me zou beginnen vrijen.

Maar dat gebeurde niet.
Het bleef stil.

‘Er is hier niemand’
antwoordde ik.

Ik probeerde mijn toon zo meelijwekkend te laten klinken,
een toon die van een diepe existentiële eenzaamheid getuigde,
zodat de bezorger zich emotioneel verplicht zou voelen om mij te helpen.

‘Wacht even.’

Ik wachtte
en wachtte
en wachtte.

Enkele minuten later kwam hij terug,
in zijn linkerhand had hij zo’n metalen rondje bij en zei heel trots:
‘Gevonden!’

‘Dank u’ zei ik,
en hoewel dit nu op het eerste zicht een heel normaal woord lijkt om iemand te bedanken, kwam mijn dank diep, diep vanuit mijn hart.

Even later begonnen we te praten, hij vroeg me wat voor werk ik deed en ik zei dat ik in het theater werkte.
Hij glunderde.
Hij zei me dat ik zijn naam dan vast heel mooi zou vinden.
‘Hoe heet je dan?’ vroeg ik hem.
‘Hamlet. Hamlet van Shakespeare, ken je die?’
‘Natuurlijk ken ik die. Wat een mooie naam.’
‘Bedankt.’

Nu aarzelde hij even, maar zei dan:
‘Ik zal je mijn nummer geven.
Dan kan je mij bellen, 24 uur op 24 uur.
Maakt niet uit voor wat.’

Duane Michals, the young girl's dream

Duane Michals, the young girl’s dream

 

5 thoughts on “Hamlet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s