Angelina Jolie

Ik zal dit jaar niet aanwezig zijn op het Kerstdiner en moet mijn vader – die waarde hecht aan traditie – hiervan op de hoogte stellen. Dus ik hou me schrap en vraag hem deze zondagochtend – op zoetsappige wijze – of dat ik hem een kopje heerlijke koffie zal inschenken. Hij kijkt me aan alsof ik een regenbui in het Zuiden van Italië ben en wimpelt me af: ‘sorry geen tijd, ik vertrek zo naar zee voor een fietstocht.’

‘Is het goed dat ik deze Kerst in Iran spendeer?’

Ik vraag dit zelfzeker. Ik heb geen toestemming nodig. Ik ben een volwassen vrouw die zich aan het onthechten is van de ouderlijke voogd. Dit jaar heb ik mijn eigen cadeau gekocht, ik wil alleen een strik van vertrouwen en aanmoediging.

Of nee. Toch niet. Eigenlijk is mijn leven één lange smacht naar het aaneenrijgen van goedkeuring. Ik ben een smekende hond die hyperactief rondjes loopt en pas naar buiten raast als iemand argeloos de deur openslaat. Maar dat laat ik hem niet merken.

‘Iran?’

Zwaarmoedig gaat hij – in zijn te strakke wielrennerspak – op een stoel zitten en begint zijn veters te strikken. Ik zwijg en wiebel een beetje. Mijn vader doorbreekt de stilte met een doorleefde, vermoeide zucht.

‘Als je sensatie wil kan je net zo goed gaan mountainbiken in Center Parks. Maak desnoods een looping in de Crazy Mouse. Waarom altijd zo ingewikkeld? Lees jij trouwens de krant? Je weet toch dat het Midden-Oosten op instorten staat?’

‘Ja, en daarom wil ik weten wat er onder de krant ligt. Ik wil bijten. Een voorgekauwd blad voor de nieuwslezer is daar te slap voor. Ik wil de tweestrijd ervaren van een verbannen land. Een land tussen Allah en popmuziek, de underground en het manifest, een sluier en een sigaret.
Soms kijk ik naar een geëngageerde worldpressfoto en denk ik ‘moet ik hier nu als een borrelpraatdeskundige meelevend over gaan debatteren?’ Ik wil confrontaties, onthullingen en geheimen van een land waar iedereen het over heeft, maar niemand iets over weet. Dat geeft mij meer afleiding dan een Campari Orange op de Playa de la fiesta.’

‘Kijk hier, onze blonde Angelina Jolie! Zie maar dat je niet met een Perzische baby thuiskomt.’

Hij lacht, maar verkeert niet in een goede bui. Dat zie ik aan zijn ijzige ogen.

‘Met wie ga je dan naar Iran?’
‘Met een jongen.’
‘Wat voor jongen?’
‘Een jongen met een diploma en All Stars. Een normale jongen dus.’

Hij kijkt me ongelovig aan, vult zijn drinkbus met kraantjeswater en fietst naar de zee.

Een paar uur later rinkelt de telefoon. Mijn vader hangt aan de lijn met een gebroken sleutelbeen.
Uitgeschoven over een geel herfstblad.

‘Luister Julie, ik lig hier met een breuk in een ziekenhuisbed in Knokke druiven te eten uit zo’n ziekenhuismandje. Van alle gevaren die dreigen, ben ik overvallen door de meest banale. Dat is een risico dat je niet hoeft te nemen. Vlieg jij maar naar Iran.’

Juryrapport 26e Groninger Studenten Cabaret Festival 2012

Jury:
Pieter van Empelen
Willem Gunneman
Harry Kies
Laura Marcus

“Zo en nu even niets”, zegt Julie en gaat op een stoel zitten niksen.
Wie dat durft, doet en de zaal tot diepe aandacht en vertwijfeling dompelt, heeft een groot gevoel voor theater en timing.

Julie vertelt in een associatief consistent verhaal waarin, ondanks veel zijwegen alles blijft kloppen, haar zoektocht naar contact. Met als hoogtepunt haar verbijstering in de Starbucks.

Ze heeft de zaal als het ware aan een touw en stuurt met haar emoties de toeschouwer.

Dat zou nog krachtiger kunnen als het nog wat kernachtiger en compacter zou worden gemaakt.

De liedjes lijken eenvoudig getoonzet. Maar in de beperking toont zich hier de meester. Ieder akkoord is raak en accentueert de liedtekst en zang.

Veel Vlaamse cabaretiers bedienen zich van absurdisme, waarbij voortdurend buiten de lijnen wordt gekleurd, en waarbij het verhaal vaak nodeloos ontspoort. Niet bij Julie. Haar magische realisme blijft met de voeten in de klei, dan wel in de Vlaamse aarde. Zo pakte ze de man die zij voor haar onkruidverhaal gebruikte (in de halve finale) later hard terug, toen deze met zijn telefoon begon te spelen.

Ook heeft ze soms een harde toon, zoals bij het verhaal over haar moeder.

Julie creëert een uniek, persoonlijk universum waarin haar regels gelden, en waarin zij de jury zeer aangenaam rondleidt.

Voorgelezen door Harry Kies in de Stadschouwburg Groningen, 2 november 2012
over de voorstelling Ondanks Alles. MET DANK AAN:

De organisatie van het GSCF, het bestuur en regisseuse Audrey Bolder.
Toneelacademie Maastricht.
Hannie en Steef Schinkel van het Schiller Theater Utrecht.
Ellen Schoenaerts voor de coaching van de liedjes.
Hannah De Meyer en Alexia Leysen voor de toewijding en inspiratie.

Pieter Bouwman voor het geloven en het aanwakkeren van al wat er nog niet was.