Stakende kerstboom

Voor ons huis staat een depressieve kerstboom. Een grote, logge spar. Helemaal naakt. Hij staat daar zonder enige bestaansreden of zin scheef te staan. Naast hem staan er allerlei andere kerstboompjes wel vrolijk te wezen. Rechtop en trots vieren ze hun glorietijd van het jaar: peperdure kerstballen, goedlachse engeltjes en paarse strikken.

Elk jaar wordt onze straat omgetoverd tot een kerstboomparadijs. Elke bewoner van de straat krijgt van de stad een kerstboom cadeau die hij dan naar eigen smaak en goesting mag versieren. De ene kitsch, de ander stijlvol. Een leuke manier om de ware aard van je buren te leren kennen.

“Waarom ligt onze kerstboom er dit jaar bij als een zwerver die op kerstavond genoegen moet nemen met een goedkoop blik bonen?” vraag ik beleefd aan mijn moeder. Er vormen zich drie agressieve rimpeltjes tussen haar wenkbrauwen. Meestal is dat geen goed teken. Het vrolijke kerstdeuntje op de radio moet wijken voor een bezielde klaagzang: “dit jaar was het de beurt aan de onderbuurvrouw om de kerstboom te versieren. Ze heeft zelfs de moeite niet genomen om die boom recht in de pot te zetten! Als zij het niet doet, doe ik het zeker niet!” Naast die drie rimpeltjes komen er nu ook bloeddorstige tanden tevoorschijn.

Dus zitten wij dit jaar opgeschept met een luie, klagende, ambitieloze en weerbarstige kerstboom voor onze deur. Het product van laksheid. Koppigheid is hier als een lekkende kraan, het stoort en het levert niets op.

Er vormen zich 20 agressieve rimpeltjes rond mijn mond. Meestal is dat geen goed teken. “Waarom zouden we dat armzalige boompje daar zo zonder lichtjes scheef laten staan? Leggen we de kerstboom plat uit principe? En voor welk ideaal?” Stilte voor de storm. Ik word nu echt heel boos. “Ik kan niet tegen stilstand in de hoop dat er iets zal veranderen!”

Het kerstdeuntje gaat verder. Let it snow, let it snow, let it snow. Mijn moeder zegt op sarcastische toon: “ga jij de wereld maar verbeteren.”

Na een opera aan bezielde klaagzangen en nog meer agressieve rimpeltjes zijn we uiteindelijk samen naar buiten gelopen. Vol overgave hebben we samen de kerstboom versierd. Peperdure kerstballen, goedlachse engeltjes en paarse strikken. Iemand moet het doen.

Ik gun iedereen een kerstfeest vol beweging, kwestie van onszelf en de anderen wat meer dan een blik bonen te gunnen.